Aftellen naar de Vogezen: nog 15 dagen

By meurten

En daar staan we dan, op de top van de Ballon d’Alsace, met een lekkere spaghetti achter de kiezen, nog nagenietend van de pul Alsacer pils in onze hand … maar dan roept de plicht weer! We moeten verder. Vanwege de stramme benen wandelen we als robotten naar onze fiets. Een diepe zucht, nog een laatste blik op de zopas veroverde bergtop… en daar zoeven we weer naar beneden.

“En zoeven kunnen we hier wel, want Ballon d’Alsace is een col die zich langs alle zijden leent tot snelle afdalingen. Uiteraard enkel op voorwaarde dat we een helm dragen en ons verzekerd weten van een vehikel dat op zijn veiligheid werd getest… Om veilig af te dalen is roekeloosheid uit den boze! Maar ook je fiets moet een safety-test kunnen doorstaan. Voor je de bergen intrekt is het dus letterlijk levensnoodzakelijk om je fiets aan een minutieuze controle te onderwerpen: verifieer of je geen scheurtje in je vork hebt, check of je wielen recht zijn, vernieuw desgevallend je remblokjes en bandjes en zorg ervoor dat die perfect op de velg liggen.” (Alex Polfliet, “Fietsen in de Vogezen”)

Tonny, het onderdeel omtrent de veiligheid van de fiets gelezen? En nog eens herlezen?

“Na de afdaling zoeken we in St.-Maurice-sur-Moselle de oude spoorwegbedding op, die nu is omgeturnd in een ‘Voie Verte’, een snelfietspad met perfecte asfaltlaag. Dit is genieten, we blijven weg van de moordende N66 en kunnen topsnelheden halen. Dat maakt dat we in een wip eerst Le Thillot en wat later Ramonchamp bereiken, waar we de spoorwegbedding moeten verlaten.” (Alex Polfliet, “Fietsen in de Vogezen”)

Col de Morbieux (5km / gemiddeld 6% / steilste 8,5%)

“Op het enige kruispunt dat Ramonchamp rijk is, staat de Col de Morbieux aangegeven, dus vergissen is onmogelijk. De klim is gemiddeld bijna 6% steil, en heeft twee finale kilometers aan 8,5%. Met een ‘Best doenbaar dus’, laden we ons op voor de voorlaatste klim van de dag. Die begint met twee lichthellende kilometers, net goed om opnieuw te wennen aan het kleine verzet. We fietsen Morbieux – 3 huizen groot – door. Een haarspeldbocht rechts, net waar we het bos in rijden, is het signaal om terug te schakelen: vanaf hier wordt het echt klimmen. De helling wordt tot de top nooit minder dan 8 procent. Het bosweggetje lijkt nu in flauwe bochten door het woud te zwalpen. De onderschatting die we aan de voet van deze klim maakten, betalen we cash: om de haverklap gaan we uit het zadel om te proberen of dat niet makkelijker klimt… We halen de top dan ook nét op het ogenblik dat we er reikhalzend naar begonnen uit te kijken.

Er valt op de top niets te beleven, dus zetten we meteen de afdaling in. Wel opletten want niet alleen krijgen we een paar linke haarspeldbochten, we passeren ook enkele kruispuntjes. Bij twijfel neem je wat de hoofdweg lijkt, of die waar de wandelwegwijzers Saulxures aangeven. Na 6 kilometer dalen denderen we het dorp binnen en gaan weer op zoek naar een ‘Voie Verte’. Dit traject mogen we gedurende 9 kilometer volgen. Vanaf het punt waar de oude spoorwegbedding zich samen met de Moselotte door een nauwe kloof wurmt – de Gorges de Crosery – moeten we bij de les blijven: anderhalve kilometer verder moeten we de spoorlijn verlaten en even verder de D43 oversteken. We gaan in de richting van Vagney, maar nét voor we het echte dorpscentrum bereiken, moeten we scherp rechts. We bevinden ons op 15 km van onze thuishaven, maar eerst moeten we nog de Col de la Croix des Moinats over …”

Col de la Croix des Moinats (8km / gemiddelde 6% / steilste 7,5%)

“Met zijn 8 kilometer en gemiddeld 6% is die trouwens de naam ‘col’ echt wel waard! Om ons mentaal voor te bereiden, krijgen we eerst een kilometertje vals plat van amper 2 procent, maar net voor de eerste bocht opdoemt, laat de berg zich al gelden. Schakelen geblazen, de spieren spannen zich nu wel vanzelf…  Het wegdek kan beter, we zoeken naar het door auto’s platgereden bandenspoor dat wat minder moeizaam loopt. Telkens we door een gehucht rijden (Pubas, Contrexard, Planois) loopt de col wat vlakker… maar al die vlakke stukjes maken wel dat de overige stukken steiler zijn dan het gemiddelde van 6% doet vermoeden! Zo geeft de klim er nog eens een ruk aan wanneer we planois verlaten. Dit stuk flirt met de 10 procent. Gelukkig is het wegdek hier van een in de Vogezen zeldzame gaafheid. De verzuring begint ondertussen wel flink toe te slaan: dit is toch wel een zware tocht met een bijtende finale! Plots zie je de top liggen en kan je zelfs wat groter schakelen. Geniet boven op de top van het panorama van de vallei van de Moselotte: links zie je La Bresse (waar je zo meteen heen zoeft), aan de andere valleiflank herken je het weggetje dat je deze morgen opklauterde riching Col du Brabant.” (Alex Polfliet, “Fietsen in de Vogezen”)

Route op Bikely | Profiel

Reageer